Uruguay

Fam. Mulder

Alles anders, Gert Jan vertelt:

In Uruguay is alles anders, als je het vergelijkt met een boerderij op de mooie Veluwe. In de 20 jaar ervaring die ik heb in Zuid Amerika, merk ik nog bijna elke dag dat ik nog altijd te weinig lokale kennis en kennissen heb. Dat tekort moet ieder op zijn eigen manier proberen te compenseren. Dat is een hele uitdaging. Dat alles anders is in Zuid Amerika laat zich niet zo makkelijk uitleggen; natuurlijk zijn er alle voor de hand liggende dingen, zoals de taal, het klimaat en de mensen, maar verder is het politieke, sociale en economische klimaat totaal verschillend. Het kost veel tijd om je daarin in te leven. Ik heb in het begin dat ik in Zuid Amerika kwam wonen geleerd dat je je aan je omgeving moet aanpassen, omdat de omgeving zich (bijna) nooit aan jou aanpast. Dat is echter theorie, en om dát in de praktijk te brengen kost veel bloed, zweet en tranen. Ik ben in Nederland nooit boer geweest. Mijn vader wel boerenzoon – en wel in Wekerom. Jullie – in Wekerom - hebben een prachtige omgeving, een uitstekend leef-en woonklimaat, maar het biedt (te) weinig perspectief voor de (jonge) ondernemende boer. De kansen liggen voor een groot deel buiten West Europa en voor een deel, misschien wel een belangrijk deel in Zuid Amerika. Met de constatering dat (een deel van) die kansen daar liggen ben je er nog lang niet, want zoals ik al eerder zei; alles is anders.

Mijn ervaring met de boerderij:

Ik ben bedrijfseconoom en ondanks uitgebreide ervaring in de landbouw verwerkende industrie in veel landen, de handelsstromen en de financiering er van, wist ik niet erg veel van het primaire bedrijf. Ik kende wel door de jaren veel mensen met boerderijen in Zuid Amerika, sommige zelfs heel groot, en zo heb ik erg veel gevraagd door de jaren heen, maar het zelf doen is toch even anders.

Ik heb het bedrijf op een goed moment gekocht. Het stond al jaren te koop, was door de eigenaren enkele jaren verpacht geweest en er was heel weinig goeds over te zeggen, behalve de kwaliteit van de grond, de omvang van de boerderij (428 hectare, niet te groot en niet te klein), de aanwezigheid van water en de ligging. Deze vier factoren waren erg positief. De kwaliteit van de grond wordt in Uruguay objectief gemeten met een index (Coneat) en die lag vrij hoog. Al het land kan worden bewerkt en is dusdanig vruchtbaar dat je er van alles op kunt verbouwen. Er zit geen rots of gesteente in de grond. Dat is slechts bij ongeveer 25% van de beschikbare grond in Uruguay het geval. Voor de echte vruchtbare landbouwgronden, zul je naar Argentinië, Brazilië en Paraguay moeten kijken. Die landen echter hebben weer heel andere problemen en kenmerken.

Toen ik de boerderij eenmaal had ben ik stap voor stap begonnen om het op een Nederlandse manier aan te pakken. Alles moest in orde gebracht worden; omheining, onkruidbestrijding, graslanden inzaaien, waterbeddingen verbeteren, relatief veel vee aankopen, en natuurlijk ook het woongedeelte, eerst voor het personeel en later ook voor het gezin in een goede, degelijke maar vooral “nette” staat brengen. Daarnaast moesten ook de schuren gebouwd/ verbouwd/ opgeknapt en het machinepark op orde. Ik heb meer dan een paar fouten gemaakt, teveel betaald, teveel vertrouwen gehad in enkele mensen, maar uiteindelijk – wij zij nu precies 5 jaar verder, is er een (mooi) begin van een veeteelt bedrijf dat rendabel genoemd mag worden en waar wij mensen en onze dieren een prachtig buitenleven genieten. Dat op zijn beurt komt tot uiting in een uitzonderlijk goede kwaliteit vlees. En ons opgewekt humeur!

Waar staat het bedrijf in juni 2007:

Wij zijn de afgelopen jaren met hulp van onze landbouwingenieur aan een geleidelijk omschakeling begonnen van het fokken van vee, naar het vetmesten van vee. Op dit moment hebben wij ruim 800 dieren, waarvan 220 kalveren. De koeien worden natuurlijk gedekt door stieren. Dat doen wij gedurende 3 maanden (December-Maart) waardoor zij kalveren in September – November. Dat is het voorjaar hier. Ook hebben wij nu ruim 300 meststieren lopen. De rest zijn koeien. Regel nummer één is hier de gezondheid van de dieren; dat is niet alleen ideologisch, maar evenzo economisch verstandig. Elke dag worden alle dieren bekeken door de cowboys; zij doen dat per paard. De afgelopen jaren zijn wij hierdoor niet onder de 90% dekking en werping gekomen, terwijl het gemiddelde voor Uruguay op 67% ligt. Onkruidbestrijding en gewasbescherming is een hoofdstuk op zich, dat veel tijd, energie en investeringen vergt. Op dit moment hebben wij ruim 50% van het land ingezaaid met goed grasland – en zomergoed. De winters zijn hier mild, dus het vee heeft altijd genoeg voer. Er wordt in Uruguay al wel bijgevoerd met (snij)mais en sorghum in de winter, maar nog niet op ons bedrijf. Als wij over enkele jaren 100% mesten, zal dat echter wel moeten gaan gebeuren. Het bijvoer wordt echter nooit aangekocht, doch zelf geproduceerd.

De slachtstieren (novillos) kunnen worden vetgemest in een periode van 2,5 – 3 jaar, en dienen op het moment van verkoop aan het slachthuis meer dan 440kg te wegen. Dat is zowel voor de boer als het slachthuis het optimale gewicht. Onze rassen zijn Hereford en de kruisingen met Aberdeen Angus. Voor Uruguay geldt dat 80% van de productie wordt geëxporteerd, onder andere naar Europa (onder een quota systeem). De prijzen van vee zijn de afgelopen jaren langzaam gestegen van iets meer dan 50 dollar cent naar ruim 1 dollar per kg levend vee (in 2007).

De toekomst:

De planning is dat wij over enkele jaren tussen de 300 en 400 slachtstieren per jaar kunnen produceren hier op Estancia Wekerom. Dat is een flinke ambitie, maar een prachtdoel om naar toe te werken. Ik ben overtuigd van de uitzonderlijke kwaliteit vlees die wij in Uruguay kunnen produceren, op een altijd verantwoorde manier. Uruguay is één van de weinige landen ter wereld dat (officieel) BSE vrij is. Uruguay produceert al 200 jaar op organische wijze vlees. Niet vanwege een bewuste keuze, maar slechts omdat de natuurlijke omgeving in Uruguay deze “beperking” oplegt. Meer dan 70% van al het vlees dat Uruguay produceert voldoet aan de aller strengste eisen dat “zuiver organisch geproduceerd” vlees eist. Op dit moment werken op Estancia Wekerom 3 cowboys, een heel lief stel als huishoudsters/ oppas / tuinman / babysitters /chauffeur en wij hopen dat als alles goed blijft gaan dat wij rustig verder kunnen groeien.

De randvoorwaarden voor succes zijn er veel, maar de allerbelangrijkste toch wel, een gezond boerenverstand, geen bankschulden, goed personeel, dier welzijn, een relatief stabiele klimaat (in meer dan één opzicht) en geen onvoorziene grote crises, waardoor de vleesprijzen rustig kunnen doorkabbelen, naar een niveau dat de kwaliteit van dit mooie Uruguayaanse product rechtvaardigt.

Mijn lieve vrouw, de kinderen, ons personeel en ondergetekende hebben er vertrouwen in.

Update Augustus 2011:

Wij zijn inmiddels 4 jaar verder en er is van alles gebeurd. Vooral in positieve zin. Al het mannelijke personeel dat vier jaar geleden hier werkte is vervangen. Personeel, en dan vooral mannelijk is en blijft een uitdaging in Uruguay. Wij hebben inmiddels een ander team, geleid door een jongeman met een Middelbare Landbouw Opleiding, geassisteerd door twee jonge jongens van 19 en 17. Die van 19 woonde hier al met zijn moeder sinds dat hij 12 jaar oud was.

De vleesprijzen zijn de afgelopen jaar behoorlijk gestegen. De prijzen per kg leven vlees zijn nu ruim boven de USD 2 dus een novillo van 440 doet ruim USD 900 dollar. Daar staat tegen over dat wanneer wij kalveren kopen om vet te mesten dat wij inmiddels erg hoge prijzen moeten betalen en dat wordt steeds riskanter. De verhouding kalveren prijs / novillo is ongunstig geworden. Wij kochten enkele jaren geleden kalveren voor USD 200- USD 220 en nu ligt dat ruim hoger, soms zelf tegen de USD 500 per dier van 200 kg. Dat betekent dat je meer moet investeren, en 2 tot 2,5 jaar moet mesten om – als de prijzen gelijk blijven – USD 400 te verdienen.

Ook de kosten voor ons zijn proportioneel gestegen omdat het economisch allemaal beter gaat in Uruguay en omringende landen. Daarnaast heeft het beleid van de overheid er toe geleid dat het kostenniveau (cost of living, inputs, salaris en sociale lasten, energie, belastingen) in Uruguay is toegenomen. De marge voor efficiënte producenten is nog steeds aanvaardbaar, maar de risico’s zijn toegenomen.

Wij hebben besloten om met ingang van dit jaar een gedeelte van onze boerderij in te zetten voor akkerbouw. Er is nu 60 hectare wintertarwe gezaaid dat er goed bijstaat en wij gaan in het Uruguayaanse voorjaar (Oct/Nov) voor het eerst een 140 hectare soja zaaien. Het plan is om dat niet alleen te doen maar in samenwerking met de landbouwingenieur en het loonwerkbedrijf. Het is vrij gewoon in Zuid Amerika dat meer en meer akkerbouw wordt gedaan door grote(-re) gemengde combinaties of bedrijven. Deze huren land, of werken samen met boeren om schaalgrootte te bereiken. Er zijn enkele die inmiddels ruim 500.000 hectare bewerken. Het groepje waar ik mee werk en vertrouwen in heb doen enkele duizenden hectare.

Ik ben tot inzicht gekomen dat het een gezonde bedrijfsmatige mix kan worden. Het zaaien van soja helpt het land onkruid schoon te maken en 100% in productie te krijgen. Als je dat alleen met vee doet, is tijdrovender, riskanter, en kapitaal intensiever.

Wij blijven werken zonder een dubbeltje krediet. Er zijn ruim 450 dieren, allemaal mestvee. Wij voeren bij met silopack en sorgum. Dit jaar heb ik voor het eerst sorghum verkocht aan de buurman (10.000 hectare). Het rendement per hectare soghum was een record met 7500 kg opbrengst p.hect. Dat was een goede ervaring en een goed besluit. Wij hadden nog 120 ton van vorig jaar en dat moest eerst maar eens op.

On the family front, hebben wij ook goed geboerd: Gert Jan (5), Oscar (4), David 1,5 jaar en Rebecca (5 weken). Het had niet beter gekund, wij hadden het niet beter kunnen wensen en zowel mijn vrouw als ik denken vaak dat wij de meest bevoorrechte mensen zijn ter wereld. Nou ja, met uitzondering van de meeste van jullie natuurlijk daar in het prachtige Wekerom.

Ook mijn oudere kinderen komen hier regelmatig en zowel dochter Moshe (26) als zoon Capone (22) komen af en toe voor langere periodes en verwerpen iedere gedachte om deze boerderij ooit om te ruilen voor iets anders. De landprijzen zijn sinds de aankoop (2002) vertienvoudigd, en er is nog een hele weg te gaan om het in de buurt te laten komen van het echte Wekerom.

Wij hebben het huis moeten vergroten vanwege de komst van de vier kinderen. Het was klaar net voor /na de geboorte van David in December 2009. Het hele huis heeft nu centrale (vloer) verwarming en airconditioning. Wij stoken via een grote ketel op hout en ook dat hout komt van ons eigen land. Wij hebben genoeg hout om het hier warmpjes te houden voor de komende 100 jaar, mede omdat de kachel niet langer dan 4 a 5 maanden per jaar hoeft te branden.

Met de hartelijke groeten uit UruguayDr. Gert Jan Mulder