Biologisch melkveebedrijf horred

126,0 ha. SEK 18.000.000,-   Verkocht   Melkvee

Horred, Västra Götalands, Zweden


Woonhuis gebouwd in 1939. 

1ste verdieping: hal, toilet met douche. Slaapkamer, volledig ingerichte keuken. Grote woonkamer, groot kantoor
2 de verdieping: Grote woonhal met openhaard, 3 slaapkamers, waarvan een met belkon. Badkamer met wc en bad.
Kelder ingericht met ruimte voor wasmachine en droger, ketelruimte met houtkachel, Carport.

2 de woning verdeeld in twee appartementen.
appartement 1: Woonkamer met haard. Wc, slaapkamer. Oudere keuken. Badkamer met douche
2 de verdieping: woonkamer en een slaapkamer.

Appartement 2:  Keuken, kamer wc, douche.
2 de verdieping: woonkamer en slaapkamer

Areaal:
Totaal 126 ha waarvan 86 ha akker- en grasland. Bos 30 ha. Daarnaast nog 90 ha pacht. 


Ligboxenstal van 2012 met 40 stuks ligboxen geschikt voor melkvee, en 43 ligboxen geschikt voor jongvee,
Ligboxenstal met plaats voor 76 stuks melkvee. Melkstal 2 x 7 

Mooi biologisch melkveebedrijf tussen Horred en Veddige.
Ligboxenstal met melkstal met totaal plaats voor een 120 stuks melkvee. Melkstal 2 x 7 SAC

126 ha land, 30 ha bos.
Daarnaast nog 90 ha pacht. 

  • id
    1299
  • Prijs
    SEK 18.000.000,- SEK > EUR
  • Grootte
    126,0 ha.
  • Type
    Melkvee
  • Land
    Zweden
  • Gebied
    Västra Götalands
  • Plaats
    Horred
Claudia Gloudemans

Over Zweden

Het koninkrijk Zweden (Konungariket Sverige) is een constitutionele monarchie. Zweden is met haar oppervlakte van bijna 450.000 km² bijna 13 keer zo groot als Nederland en heeft bijna 9 miljoen inwoners. Dat betekent dat er gemiddeld slechts 20 mensen per km² wonen. Nederland heeft gemiddeld 395,6 inwoners per km². De oppervlakte aan woeste grond in Zweden is 31% met inbegrip van de meer dan 96.000 meren. 58% van de bodem is bedekt met bossen en de cultuurgrond beslaat 11%. Zweden wordt in drie grote landschappen verdeeld: Norrland in het noorden, Svealand in het midden en Götaland in het zuiden. Norrland is bergachtig met eindeloze wouden en vele rivieren en meren. Norrland beslaat bijna tweederde van de totale oppervlakte van Zweden. Svealand in het midden van Zweden heeft een wat opener en vriendelijker landschap. Götaland in het zuiden heeft een zeer gevarieerd landschap met o.a in de zuidelijkste provincie Skåne bloeiende landbouwgebieden en beukenbossen. De westkust is vlak met soms lange zandstranden. Verder een scherenkust met veel eilandjes en inhammen. Hier liggen ook de grote meren Vänern en Vättern. Vänern is het op twee na grootste meer van Europa. Zweden heeft bijna 9 miljoen inwoners. De Zweedse bevolking behoort tot de meest karakteristieke vertegenwoordigers van het Noordse ras, met als kenmerken: lange slanke gestalte, smalle schedel, blond haar en blauwe ogen. Vermenging met andere subrassen is in Zweden verhoudingsgewijs zeer weinig opgetreden.

Zweden heeft zich de laatste honderd jaar ontwikkeld van een betrekkelijk arm agrarisch land tot een moderne geïndustrialiseerde samenleving. Zweden is nu een van de welvarendste landen ter wereld, met hoge inkomens en goede sociale zekerheden. Sinds 1842 kent Zweden leerplicht. Het basisonderwijs duurt tien jaar, van 6 tot 16 jaar. In 1962 werd de tienjarige basisschool definitief ingevoerd. Bijna alle scholen worden bestuurd door de plaatselijke overheid, hoewel er ook privé-scholen zijn. Opmerkelijk is dat leerlingen pas vanaf groep acht rapportcijfers krijgen. Verder wordt er in het derde of vierde jaar al gestart met het onderwijzen van Engels als vreemde taal. Na het basisonderwijs volgen bijna alle Zweden een of andere vorm van voortgezet onderwijs. Sommigen bereiden zich dan voor op een universitaire studie, anderen combineren theorie en praktijk om een beroep te leren. De leertrajecten op universiteit en hogeschool duren ongeveer vier jaar. Alle vormen van openbaar onderwijs, ook het hoger onderwijs, zijn kosteloos.

Op dit moment behoort ongeveer 90% van de bevolking tot de evangelisch-lutherse staatskerk. Vele bezoeken de kerk alleen uit traditie, zoals bijvoorbeeld met Kerstmis, Pasen, doop, bevestiging en huwelijk. De kerk hoeft ondanks het lage kerkbezoek niet voor zijn bestaan te vrezen. Iedere Zweed, gelovig of niet, helpt mee de kerk in stand te houden d.m.v. vrijwillige vergoeding aan de kerk. Daarnaast is de kerk de grootste grondeigenaar van het land. De kerk beschikt voornamelijk over bossen t.b.v. de houtproduktie. Naast de religieuze functie, fungeerde de staatskerk ook als burgerlijke stand. Hier worden registers van geboorte, huwelijk en overlijden bijgehouden. Sinds 1991 zijn de taken als burgerlijke stand overgenomen door Skattemyndigheten (belastingdienst). Naast de staatskerk vindt men in Zweden ong. 100.000 Rooms Katholieken. Hiervan is slechts een klein deel van Zweedse afkomst. Het grootste deel bestaat uit immigranten uit o.a. Spanje, Portugal, Italië en Polen. Verder vindt men uitsluitend kleinere kerken en religieuze groeperingen : Pinkstergemeente (Filadelfia), Missionskyrka, congregationalisten, orthodoxen, baptisten en methodisten.

Zweden heeft net als buurland Noorwegen te maken met de invloed van de Warme Golfstroom. Zo ligt de gemiddelde jaartemperatuur aanzienlijk hoger in streken zoals Noord-Rusland, Alaska en Groenland die op dezelfde breedte liggen. Het zuiden heeft een uitgesproken zeeklimaat als gevolg van de Warme Golfstroom en er valt dan ook wat meer regen dan in de rest van Zweden. Als er sneeuw valt, blijft die niet vaak liggen. Ook de havens blijven ijsvrij. Het zuiden heeft vier tot vijf zomermaanden, het midden drie tot vier en het noorden een tot drie. De westkust tussen Malmo en de Noorse grens krijgt de meeste regen, ± 700 mm per jaar. Het oosten van Zweden heeft maar 300-400 mm per jaar. Evenals in Zweden en Finland zijn er in Zweden twee bijzondere fenomenen waar te nemen: de middernachtzon en het noorderlicht. De middernachtzon staat voor veel reizigers hoog op het lijstje van bezienswaardigheden. Hoe verder men 's zomers in de richting van de Noordpool gaat, hoe hoger en langer de zon achter elkaar blijft schijnen.

De Zweedse boerenbedrijven zijn voornamelijk familiebedrijven en het land is eigendom van degenen die het bewerken. Het coöperatiewezen, zowel voor afzet, inkoop, als kredietverschaffing, is sterk ontwikkeld. Driekwart van de agrarische productie wordt via coöperatieve organisaties verder verwerkt of afgezet. Ongeveer 7,5% van het land is economisch te benutten. Men slaagt er echter in om daarmee 80% van de binnenlandse behoefte te voorzien. In het zuiden worden vele gewassen verbouwd, zoals allerlei soorten granen, suikerbieten en bonen. In Midden-Zweden wordt met name graan verbouwd en meer naar het noorden worden voedergewassen geteeld. Veeteelt vindt plaats in het zuiden, de smalle kustvlakte langs de Botnische Golf en langs de rivierdalen. De veehouderij richt zich voornamelijk op het houden van rundvee, voor de slacht en de zuivelproductie; daarnaast worden varkens, pluimvee en schapen gehouden. Dierenwelzijn is erg belangrijk.

Landprijzen bevinden zich in de aantrekkelijke gebieden tussen de € 8000,- en € 25.000,- ha. afhankelijk van ligging, perceelsgrootte en neerslag. Land huren komt veel voor in Zweden. Het aanbod aan land is veel groter dan de vraag zodat er makkelijk wordt gedaan over contracten. Zweden huren en verhuren onderling van jaar tot jaar maar dit wordt automatisch verlengd. Zweden houden zich over het algemeen ook goed aan hun woord. Over het algemeen is er voldoende land basis bij het bedrijf , maar voeraankopen is altijd mogelijk. De meeste boeren kopen krachtvoer of bijproducten aan.Granen is nooit een probleem, je kunt ze nat, gedroogd en geplet aankopen.Mais is per gebied verschillend in Skane en Halland, het zuiden van Zweden wordt mais verbouwd maar meer noordelijk veel minder zodat aanbod daar beperkt is en transport het al gauw minder interessant maakt. Bierbostel is goed verkrijgbaar, maar perspulp soms weer minder. Opbrengsten in gebied Skane in het zuiden van gras (3 snedes) tussen 8-11 ton droge stof per ha.Ook de opbrengsten van mais zit tussen 8-11 ton droge stof/ha en verschilt tussen deze gebieden in opbrengst niet veel maar wel in zekerheid van goed afrijpen. Vooral langs de kust heb je minder snel kans op nachtvorst en zal de mais een beter zetmeel gehalte hebben en is de kans van een goed product beter als meer noordelijk.